Stroman Gedichten

12 oktober 2011

Brieven aan Haar

Vaker wilde ik je schrijven
van hoe mooi het hier toch is
hoe zielsgelukkig sterrenlicht valt
tussen omgewaaide bomen
vader die mij meer dan eens zei
hoe de wereld mij nog mist
ik kon hem bijna niet geloven
maar hij heeft zich nooit vergist

Ik ben allang niet meer dat kind
dat achter poppenhuizen zit
niet meer dat kind dat ramen tekent
om ze eenmaal uit te breken
noch de vrouw die ik kon zijn
maar in haar kinderlach bleef steken
noch de vrouw die ik kon zijn
door alle mannen werd bekeken

Hoe het is - wou ik je schrijven
na voldragen droefenis
kastanjes staan er niet voor eeuwig
omgevallen is het leven
als het mijne dat voorbij ging
in een dagboek volgeschreven
als de vrouw die ik nooit werd
in kinderschoenen is gebleven

In jouw hand bleef alles achter
woorden om ze voor te lezen
als kastanjes voor de eeuwigheid
iets van getuigenis
laat ze maar glimmen - lieve Kitty
als het weer eens donker is
wees er mijn stem nog opgeheven
als de boom weer zonder is




 

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen