Stroman Gedichten

31 december 2013

Als de Zeemeeuw

Blote voeten, grote passen,
zonnestralen opgetogen
Zo omhelsden wij het duin
met korrels zand en ochtenddauw
Zo droegen wij de mooiste vliegers
aan een lijn ondersteboven
En verdronken wij de schelpen
die de zee zo hebben wou
Ik hield je vast om wie je was
en keek je aan om te geloven
Om te zien hoe lief je ogen
spiegels zochten met het zout
Daar waar de zee geen zee meer was
maar ons iets anders zou beloven
Met de zon op stillend water
witte zeilen in het blauw

Ik bouwde ons een luchtkasteel
waar wij in zand ons voortbewogen
En ik strooide regenbogen
die ik plukken zou voor jou
Zag hoe de vogels die er gingen
als een stip steeds verder vlogen
Eens verdwenen in een beeld
waar ik in poëzie van hou
We bleven staan op zwart basalt
waar we de golfbrekers hoorden
En we dwaalden met ons ogen
voorbij zingend vliegertouw
Tot waar de zee geen zee meer was
maar slechts een dwaallicht van het noorden
Als de zeemeeuw die het wist
waar oceaan beginnen zou





2 opmerkingen:

  1. Prachtig gedicht hoe mooi en eindeloos liefde kan zijn. De meeuwen nemen dat gevoel mee op hun vleugels naar de overkant, waar dat ook mag zijn!

    BeantwoordenVerwijderen