Stroman Gedichten

12 oktober 2011

Versteende Bomen

Verontwaardiging sliep daar
waar eens verzadiging zich schaarde
in een veld versteende bomen
zat gevoerd - meer dan voldaan

Zonder te weten hoe de geur
het huis van kastelozen scheurde
en de nasmaak van de honger
naakt de machtelozen kleurde
hoe vernederd de vernederden
hun droom zagen vergaan
tezamen met de rechtelozen
die hun lege handen treurden

Want wie schrokte zou verstenen
en in gulzigheid verbenen
tot een boom die in de hete zon
geblakerd werd beschenen
met een hoorn die zijn overvloed
zou stelpen in het blauw
nog met een allerlaatste vrucht
om te verdragen in berouw

Hij was een mens - gelijk zovelen
maar versteend tot aan zijn tenen
onaanraakbaar nu geworden
maar aanvaardbaar als diegene
die zijn evenbeeld kon zijn
en hem nu water brengen zou
want ook een mens kon zich vergissen
als hij zich vergissen wou





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen