Stroman Gedichten

12 oktober 2011

De Zesde Dag

Het was zo na de zesde dag
en na het scheppen van de vrouw
dat Hij met vergulde lach
nagenoot van wat hij zag
en nog staande in de kou
een heel klein luchtje scheppen wou

Het paradijs leek nu echt af
en niemand die Hem iets verweet
tot de duivel -echt heel laf-
aangesneld kwam in een draf
en nog steels in God zijn zweet
twee muggen bij de schepping deed







Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen